Dit weekend een bijzonder fijne trip down memory lane gemaakt. Naar 1975! God, wat lijkt dat lang geleden. Maar zaterdag dus niet, toen ik in de verduisterde bioscoop totaal in de ban was van The Runaways. Een aanstekelijke rockfilm over zes tienermeisjes die bijeen werden gebracht door cultproducer Kim Fowley, die hen uitbuitte, uitschold, opjutte en opstookte. Hij liet zelfs een stel jongens hen bekogelen met afval en hondendrollen om vast te wennen aan het doldrieste rockpubliek van die tijd (de Ramones – waarbij ze een tijd later in het voorprogramma stonden- traden altijd op achter kippengaas).
De Runaway girls werden op tournee gestuurd zonder begeleiding of geld en kregen zo een wel heel hardhandige opvoeding in de school of rock, in een maalstroom van drank, pillen en seksuele experimenten. Ineens leek Lady Gaga – ondanks vleesjurk- een verwend aanstelstertje.
De film focust vooral op de twee meest in het oog springende bandleden: leadzangeres Cherie Currie (1959) en drijvende kracht, gitarist en zangeres Joan Jett (1958), dus inmiddels net als wij overgangstergirls.
Cherie –groot fan van Bowie- was nog geen 16 toen ze bij de band kwam. Gevraagd vanwege haar sexappeal, keerde zich dat tegen haar: de andere (puber)meiden pikten het niet dat zij voortdurend in de spotlight stond.
Joan Jett probeerde de boel bij elkaar te houden, maar ging, zoals we weten, uiteindelijk haar eigen weg. Fijn weetje: na door 23 platenmaatschappijen geweigerd te zijn, richtte ze Blackhearts Records op. Daarmee werd ze de eerste vrouwelijke artiest die haar eigen label begon.Vervolgens bracht ze het album I love rock & roll uit, waarvan er 10.000.000 werden verkocht! Dit vooral door de single I love rock & roll die in 1982 wekenlang nummer 1 stond op de Billboard Hot 100. Yeah! Rock on!!!





