Onlangs kregen windowshoppers op de Wallen onverwacht een swingende show voorgeschoteld.
Elk jaar wordt aan duizenden vrouwen een danscarrière in West-Europa beloofd. Treurig genoeg, belanden ze hier. De tekst is een doeltreffende anticlimax.
Op de Stop the Traffik wordt het scenario in het kort geschetst. Als je ergens woont waar geen werk of perspectief is, wat doe je om jezelf en je familie te redden? Gelukkig zijn er mensen die contacten hebben buiten de grenzen en jou willen helpen. Je kunt terecht als danseres in Nederland!
Op de bestemming blijkt het werk heel anders. En de reis moet dubbel en dwars worden terugbetaald. Het geld daarvoor moet je verdienen met seks. Zo worden miljoenen vrouwen en meisjes misbruikt door moderne slavendrijvers.
Ik moest meteen denken aan de tweelingzussen Louise en Martine Fokkens (1942) van de inmiddels bekende documentaire Ouwehoeren. Het contrast is groot. De smeuïge verhalen (en beelden) van deze hoeren van de oude stempel geven een heel ander beeld van de Wallen. Je kende iedereen, zeggen de zussen. En het was gesellig.
De roze bril waarmee ze het hoerenbestaan bezien, ligt natuurlijk ook aan de aanstekelijk vrolijke aard van de zussen. En ze beheersten de kunst van het pezen en uitpieren totaal; het spel en de mysterie. Ze hebben dan ook zoveel klanten gehad, vertellen ze. Dat valt niet te tellen. Daar kun je een hele wereld mee vullen!
Maar ik ben nog niet uitgewoond, hoor, zegt Martine die nog steeds achter het raam zit. Een goeie hoer laat zich niet sufneuken. We zien Martine aan het werk in haar peeskamertje en ze lijkt totaal in controle. Wanneer ze bij het aftrekken begint te zingen – Hop Marjanneke, stroop in ‘t kanneke, laat het poppetje dansen – heb je eerder melij met de klant.
Later zingen de zussen samen: Van je hela hola houd er de moed maar in. Het zou hun lijflied kunnen zijn. Het geeft te denken, deze twee montere vrouwen die voor mooie meid zaten in de goeie ouwe tijd. Maar desgevraagd is er toch spijt, ze zouden het nooit overdoen.
Er is weinig over van de oude rosse buurt, zeggen ze: de straten en cafés worden bevolkt door toeristen, en de buitenlandse hoertjes hebben de Wallen overgenomen. De zussen hebben er geen goed woord voor over: gesellig is het niet meer. Daar zullen de nieuwe meisjes – ver weg van hun land en familie gedwongen de hoer te spelen – het hartgrondig mee eens zijn.



